Als Een Kindeken
Te worden als een kindeken, Zoo zwak, zoo min, zoo teer, Niets vindend in onszelven En alles in den Heer; Weer klein, heel klein te worden, Te groeien naar beneen, Daar wil het hooge hart niet aan, Daar wil het vleesch niet heen. Te worden als een kindeken, Gansch niets in eigen oog; Maar schreiend, uit ons zelven, Om hulpe naar omhoog. Zich vast aan God te klemmen Als 't kind aan moeders borst, Dat kreunend smacht naar 't levensvocht Tot lessching van zijn dorst. Te worden als...
Read Full Article on Standard Bearer
Full article available on sb.rfpa.org